Overslaan en naar de inhoud gaan

Innovatieve dementiezorg in de praktijk: verhalen uit Het Gastenhuis

Categorie:
Leiderschap & Governance

Datum:
24 augustus 2017

Vorig jaar opende de eerste vestiging van NPM-participatie Het Gastenhuis aan de historische Vest in Dordrecht. Bijzonder aan deze kleinschalige woonvorm voor mensen met dementie is dat de leiding in handen is van een inwonend ‘zorgechtpaar’. Ronald en Trudie Zwiers beten het spits af en kijken terug op een aantal hectische maanden. 

Vorig jaar opende de eerste vestiging van NPM-participatie Het Gastenhuis aan de historische Vest in Dordrecht. Bijzonder aan deze kleinschalige woonvorm voor mensen met dementie is dat de leiding in handen is van een inwonend ‘zorgechtpaar’. Ronald en Trudie Zwiers beten het spits af en kijken terug op een aantal hectische maanden.

Alles in het monumentale schoolgebouw ruikt nog nieuw. “De renovatie is nog maar koud achter de rug”, zegt Ronald Zwiers. Het Gastenhuis in Dordrecht ligt, dat moet gezegd, prachtig. Aan de rand van de oude binnenstad, met een terras aan het water. Dit is de plek waar Ronald en Trudie Zwiers de komende jaren leiding gaan geven aan een team van zorgverleners én verantwoordelijk worden voor het wel en wee van twintig mensen met dementie.

Op de oprechte openingsvraag of ze weten waar ze aan zijn begonnen, kijkt Trudie Zwiers haar man kort aan. Dan lacht ze en zegt: “Echt weten doen we het niet. Maar we hebben er natuurlijk wel een idee bij. We zijn uitgebreid gaan kijken bij andere kleinschalige woonvormen overal in het land, waarbij we veel kritische vragen hebben gesteld. En we hebben er natuurlijk ook heel intensief over gesproken met de initiatiefnemers van Het Gastenhuis. We merkten gaandeweg dat we wat betreft onze visie op de invulling van de zorg heel erg op één lijn zaten. Dus op een zeker moment hebben we de knoop durven doorhakken.”

Beiden hebben ze al een carrière in de zorg achter de rug – hij als manager in de thuiszorg, zij als praktijkondersteuner bij een huisartsenpraktijk. Ronald Zwiers: “Vroeger deelde je ook wel dingen met elkaar na de werkdag, maar dat bleef toch min of meer abstract. Nu zijn we niet alleen elkaars partner, maar ook elkaars directe collega. We werken de hele dag samen en we hebben dus moeten uitvinden wat onze persoonlijke stijl van werken is en welke activiteiten het best bij de een of bij de ander passen. Maar tot nu toe gaat het eigenlijk heel goed.”

“We leggen veel verantwoordelijkheid bij de medewerkers zelf.”

Scherp houden van het team

Trudie: “Een aantal zaken doen we bewust altijd samen, zoals de evaluatiegesprekken met de familie, het teamoverleg en de screening van nieuwe bewoners. Ook alle sollicitatiegesprekken hebben we gezamenlijk gevoerd. Ronald is meer de manager, ik ben meer de organisator – maar we hebben, zo blijkt, meestal dezelfde kijk op de zaken.”

De eerste drie maanden na de opening in december 2016 omschrijft Ronald als hectisch. “Er zijn weken geweest waarin we het huis bijna niet uitkwamen, zoveel was er nog te doen. Nu wordt dat langzaamaan beter: we kunnen nu ook gewoon een avond of een weekend vrij plannen.” Het zorgechtpaar wordt ondersteund door een team van gediplomeerde zorgprofessionals dat verantwoordelijk is voor de dagelijkse – en nachtelijke – gang van zaken. Maar om feeling te houden met het team en de bewoners draaien zowel Ronald als Trudie ook met regelmaat zelf een dagdeel mee in de echte zorg.

Ronald: “Maar onze echte taak als zorgechtpaar zie ik toch als het continu scherp houden van het team en het bewaken van de missie van Het Gastenhuis. Goede kwaliteit van wonen in een mooie, warme omgeving, maar tegelijkertijd ook een hoge kwaliteit van zorg en dienstverlening. Dat staat als missie op papier en dat proberen wij hier iedere dag waar te maken.”

Tijd nodig om te resetten

De locatie op vijf minuten lopen van de rand van de historische binnenstad stelt het team in staat om vrijwel dagelijks met een deel van de bewoners naar buiten te gaan voor een wandeling of een bezoek aan de weekmarkt. “We zitten hier op een unieke plek”, zegt Trudie. “Mensen ervaren het als een warme omgeving die rust uitstraalt. Tegelijkertijd zitten we midden in het leven. We horen geregeld van familieleden dat ze met een heel goed gevoel naar huis gaan als ze op bezoek zijn geweest.”

Ronald: “Natuurlijk merk je wel of bewoners het wel of niet naar hun zin hebben, maar als het gaat om harde kwaliteitsmaatstaven kun je dat eigenlijk alleen maar bij de familie toetsen. En als die zegt: ‘We laten vader of moeder met gerust hart bij jullie achter’, dan weet je dat je op de goede weg zit. Want uiteindelijk willen wij dat onze bewoners echt weer ergens thuis zijn.”

De aantrekkelijkheid van zowel het gebouw als de omgeving maakt ook dat zorgprofessionals graag in dienst treden bij Het Gastenhuis. Al helpt de wijze waarop we de zorg inrichten ook mee”, zegt Ronald. “We leggen veel verantwoordelijkheid bij de medewerkers zelf. Het zijn per slot van rekening gediplomeerde vakmensen die weten wat ze doen. Het is overigens ook wel gewoon hard werken: het is niet dat wij hier bakken personeel hebben: wij moeten het ook maar doen met de ruimte die het persoonsgebonden budget biedt. Wél is het zo dat als medewerkers afkomstig zijn uit de reguliere zorg, ze enige tijd nodig hebben om te resetten. Dat het bijvoorbeeld prima is om even wat meer tijd te nemen voor een bepaalde bewoner, of dat wij ervoor kiezen om élke bewoner élke dag te douchen. Dat wat eigenlijk normaal zou moeten zijn, moeten ze zich weer eigen maken.”

“Je moet als zorgechtpaar een locatie ook wel echt eigen maken.”

Zorgvraag zwaarder dan gedacht

Omdat de uitrol van het Gastenhuis-platform nu snel vorm krijgt, zijn er al diverse beoogde zorgechtparen in Dordrecht komen kijken om te proeven en te voelen hoe het concept in de praktijk uitpakt. Trudie: “Ik zeg er wel bij: je moet je als zorgechtpaar een locatie ook wel echt eigen maken. Een Gastenhuis aan de rand van een nieuwbouwwijk in Vleuten zal een ander karakter hebben dan het onze. Wij doen het hier, op deze plek, op onze manier.”

Een ander punt waar Ronald en Trudie open over zijn in gesprekken met andere zorgechtparen in spe is de zwaarte van de zorgvraag. “We constateren dat die zorgvraag toch zwaarder is dan aanvankelijk gedacht”, zegt Ronald. “Dat is het gevolg van het regeringsbeleid van het vorige kabinet: mensen worden geacht zo lang mogelijk thuis te blijven wonen, al dan niet ondersteund door mantelzorgers. Gevolg is dat als ze hier binnenkomen, dat per definitie later in het dementeringsproces is. Je ziet dat ook terug in de indicatiestelling: een aantal jaar geleden kreeg je met een lichtere vorm van dementie dezelfde indicatiestelling als nu met een zwaardere vorm.”

En toch: ondanks alle mentale beperkingen die gepaard gaan met dementie is er nog volop menselijke interactie tussen de bewoners en het team. “Mensen vragen wel eens: krijg je nog wel wat terug van de bewoners?”, zegt Trudie. “Dan is mijn antwoord altijd: ongelooflijk veel. Misschien niet concreet in woorden, maar gewoon in wat je ziet. Mensen die ineens opfleuren omdat we muziek opzetten, of die met een lach van oor tot oor hun aardbeien met slagroom opeten. Dat zijn de momenten waarvoor je het doet en waarop je beseft dat er verschil is tussen zorg en kwaliteitszorg.”

Meer lezen over innovatie in de zorg? Lees dan Nieuwe werkvormen in de zorg uit Capital Magazine.