Overslaan en naar de inhoud gaan

Innoveren in het veld

Categorie:
Innovatie & Verduurzaming

Datum:
23 mei 2019

Afgelopen jaar nam NPM Capital een belang in Ploeger Oxbo Group, een Nederlandse fabrikant van geavanceerde landbouwmachines. Deze nichespeler kenmerkt zich door een sterke focus op productontwikkeling en innovatie. “Wij kunnen onze machines snel en wendbaar aanpassen, waar dat voor concurrenten de moeite niet loont”, aldus Niels Havermans.

Het hoofdkantoor van Ploeger Oxbo op een industrieterrein in Roosendaal oogt bescheiden. Maar schijn bedriegt: dit is de Nederlandse thuisbasis van een internationaal opererende producent van landbouwmachines – een onderneming met zes productielocaties in Europa en Noord-Amerika en actief in meer dan veertig landen wereldwijd. Desalniettemin is Ploeger Oxbo in de wereld van de gespecialiseerde oogstmachines een bescheiden speler, zegt sales- en marketingdirecteur Niels Havermans. “Je moet ons niet vergelijken met grote concurrenten als John Deere en CLAAS, die grote aantallen standaardmachines ontwikkelen voor de oogst van bulkgewassen als tarwe, sojabonen en voedermais. Wij bedienen vooral klanten die ‘kleine’ gewassen telen, zoals groente, aardappelen, zaadmais maar ook olijven en druiven”, zegt hij. “Dat zijn nichemarkten, waar we vooral het topsegment bedienen. Enkelstuks ontwikkelen en verkopen ligt ons niet zo, massaproductie ook niet. Onze markt zit daartussen, met honderden machines per jaar – maar wel voor een heel breed segment en technologisch zeer geavanceerd.”

In die tak van sport is Ploeger Oxbo al tientallen jaren zeer succesvol. Dat komt mede omdat de onderneming regelmatig een nieuwe generatie van haar machines lanceert met een doorgaans sterk verbeterde performance. Die productontwikkeling is decentraal georganiseerd, vertelt Havermans: in elke fabriek zijn productontwikkeling, productie, verkoop én after sales service onder één dak ondergebracht. Een bewust keuze, want voor innovatie is rechtstreeks klantcontact een onmisbaar ingrediënt.

“Voor innovatie is rechtstreeks klantcontact een onmisbaar ingrediënt”

“Onze serviceafdeling zit pal tegenover de engineeringafdeling”, zegt Havermans. “Onze servicemedewerkers zijn het jaar rond onderweg, op bezoek bij klanten. Als er een probleem uit het veld terugkomt, staan ze de volgende dag bij engineering op de stoep. Uit dat samenspel komt een groot deel van de innovatie voort. Daar komt nog bij dat we zoveel mogelijk directe verkoop doen, dus ook vaak met de klant om tafel zitten. Uit die gesprekken komen iedere keer weer nieuwe ideeën en suggesties, waarmee we aan de slag gaan.”

Verfijning van de techniek
Nieuwe technologische ontwikkelingen (‘heel specifieke engineering’, noemt Havermans het) betreffen niet zozeer de basistechniek, maar de verfijning daarvan. “Qua basisprincipe zijn onze machines al lange tijd niet heel ingrijpend veranderd, maar ze zijn wel in de details enorm doorontwikkeld”, zegt hij. “Een erwtenoogstmachine van de eerste generatie deed ongeveer een derde van de capaciteit van de huidige. Elke nieuwe generatie oogst méér gewas voor nuttig gebruik en brengt ook een schoner product naar de fabriek, waardoor die minder afval heeft en minder werk heeft om het product te zuiveren.”

Een belangrijk uitgangspunt bij het innoveren van de machines is: inkopen wat je zelf niet beter kunt maken. Havermans: “Wij zijn vooral goed in aandrijftechniek, constructie en de toepassing van motoren, die we dan wel weer kant-en-klaar inkopen. Dat geldt ook voor de cabines – wat goed is, is goed. Wat we wel weer zelf doen is de zogeheten homologatie (voldoen aan wet- en regelgeving – red.). Dat is bijna een aparte wetenschap, want al onze machines vallen buiten de standaardwetgeving. Je moet dus voor elke machine in elk land een aparte toelating organiseren en een vergunning om op de weg te mogen rijden. Ook daar komt heel veel expertise bij kijken die we om strategische redenen bewust in huis hebben.”

Omdat de thuismarkt waarin Ploeger Oxbo actief is niet heel snel groeit (het grootste deel van de vraag is vervangingsvraag), is de onderneming drie jaar geleden ook begonnen met het ontwikkelen van zogeheten applicatiemachines (die met name worden ingezet voor mestinjectie – red.). Havermans: “Dat was voor ons weliswaar een nieuwe markt, maar wel een die heel erg inspeelt op competenties die we al in huis hebben. Ook dit zijn relatief grote, complexe machines die op een schaal worden ingezet die voor ons behapbaar is. Daar kwam bij dat een toonaangevende Amerikaanse producent van dit soort machines ermee stopte en er dus een ‘window of opportunity’ was om in te stappen met een vergelijkbaar aanbod.”

Schaalvergroting
De beslissing om naast oogsttechniek ook applicatietechniek te gaan ontwikkelen heeft tot op heden goed uitgepakt, zegt Havermans. “Oogstmachines verkoop je eigenlijk alleen voorafgaand aan het oogstseizoen. Applicatiemachines worden ingezet voorafgaand aan het oogstseizoen, maar ook daarna. Dat is prettig voor onze productiebezetting. Daar komt nog bij dat we onze competenties op het gebied van engineering zo verder uitbreiden en een sterkere positie hebben ten opzichte van onze leveranciers. Voor klanten is het ook prettig, want meer verschillende klanten betekent ook dat je meer servicepunten open kunt houden.”

Op de vraag hoe hij de ontwikkelingen in de landbouw van de toekomst ziet, zegt Havermans: “Verdergaande schaalvergroting blijft de trend. Dat is in ons voordeel, want dat is alleen maar mogelijk met professionele oogstmethodes. Ook de arbeidstekorten in de landbouw maken dat de vraag stijgt naar efficiëntere techniek. We zien daarnaast dat onze machines meer en meer worden ingezet voor heel kleine gewassen waar de automatisering pas net begonnen is, zoals bijvoorbeeld bij verse kruiden als peterselie en dille. Daar is het een voordeel als je een nichespeler bent: wij kunnen onze machines in kleine oplages snel en wendbaar aanpassen, waar dat voor concurrenten de moeite niet loont.”

“Verdergaande schaalvergroting blijft de trend”

De grootste technologische uitdaging ligt op dit moment nog in de oogst van verse kwetsbare groenten en fruit, zegt Havermans. “Machines gaan nog altijd wat ruwer om met het product, in vergelijking met handmatige oogst. Dat is voor conserven geen probleem – dan worden de groenten binnen een paar uur verwerkt. Maar voor het versschap ligt dat anders: daar leidt ook de kleinste kneuzing tot verminderde houdbaarheid. Dus veel verse groenten komen uit lagelonenlanden en worden met de hand geoogst.”

“Ons ultieme doel is uiteindelijk machines te ontwikkelen die de kwaliteit van handoogst evenaren of zelfs overtreffen. Of dat met de huidige techniek kan, zal moeten blijken – wellicht zijn oogstrobots de toekomst. Hoe dan ook denk ik dat we die belofte ooit kunnen waarmaken.”

Lees ook ‘Ploeger Oxbo versterkt aandeelhoudersbasis door investering NPM Capital’