Overslaan en naar de inhoud gaan

Kassenteelt the way to growth?

Categorie:
Feeding the world

Datum:
15 december 2021

Wereldwijd is de markt voor teeltkassen – groenten, planten en bloemen – sterk groeiend. Steeds meer gewassen die traditioneel ‘in de volle grond’ werden verbouwd, vinden hun weg naar de zogeheten ‘bedekte teelt’. Welke economische en andere overwegingen liggen aan deze trend ten grondslag? En is kassenteelt ‘the way to growth’, met het oog op de komende decennia nog sterk groeiende wereldbevolking? Rutger Ruigrok, managing director van NPM Capital, ging in gesprek met Wouter Kuiper, CEO van hightech kassenbouwer KUBO.

Ruigrok: “Jij bent geboren en getogen in het Westland… Het zou ook wel bijzonder zijn als jij niet zou geloven in een grote toekomst voor de kassenteelt.”

Kuiper: “Dat ligt inderdaad niet erg voor de hand. Aan de andere kant: in het Westland gebeurt wel een hoop, maar niet zozeer op het gebied van uitbreiding van kassen. Dat ecosysteem is min of meer ‘af’. Als je het over de toekomst van kassenteelt hebt moet je vooral over de grenzen kijken. Er is wereldwijd een sterk groeiende vraag naar hoogwaardig en lokaal geproduceerde producten die voedselveilig, energiezuinig en met relatief weinig water en pesticiden onder ideale klimatologische condities gekweekt worden. Dat lukt eigenlijk alleen met kassen.”

Ruigrok: “Wij leerden op school dat kassen zijn ontstaan om niet langer afhankelijk te zijn van de seizoenen. Gaat dat nog steeds op?”

Kuiper: “Zo is het inderdaad ooit begonnen – we teelden in het verleden zelfs meloenen in het Westland. Vandaag de dag moet je het breder zien. We zien steeds meer gewassen van de volle grond de kas ingaan. En dat heeft een aantal redenen. Een heel belangrijke is dat landbouw in de volle grond heel grondintensief is. Op sommige plekken op aarde is dat niet direct een probleem, maar op veel plekken wel – los van het gegeven dat er soms enorme arealen bos worden gekapt om ruimte te bieden voor landbouw. Daarnaast vraagt landbouw in de volle grond om relatief veel water, en ook dat is op veel plekken schaars. Telen in de volle grond met voldoende opbrengst lukt bovendien alleen als je ruimhartig gebruik maakt van gewasbeschermingsmiddelen, die een onbedoelde negatieve impact hebben op onze leefomgeving. Als je het zo optelt is de keuze voor kassenteelt een heel logische in veel gevallen.”

Ruigrok: “Kun je dat concretiseren met een voorbeeld?”

Kuiper: “In de VS worden nog steeds grote arealen tomaten geteeld in de volle grond. In een kas gebruik je voor de teelt van diezelfde tomaten per vierkante meter ongeveer twintig keer zo weinig water, met vier keer zoveel opbrengst. En met een verwaarloosbare hoeveelheid gewasbeschermingsmiddelen.”

Geen glazen bol

Ruigrok: “Maar zijn alle gewassen geschikt om een kas te verbouwen? Hoe zit het bijvoorbeeld met bulkgewassen als graan en aardappelen?”

Kuiper: “Ik heb natuurlijk geen glazen bol, maar ik kan erover zeggen dat het een kwestie is van wat economisch rendabel is. Om te beginnen is het begrip ‘kas’ rekbaar: dat loopt van een eenvoudige kas van gaas van een paar dollar de vierkante meter, tot medium-tech kassen van folie van een paar tientjes, tot glazen hightechkassen zoals wij die ontwikkelen. Die laatste vormen op dit moment nog maar vijf procent van de markt, en worden vooral ingezet voor kwetsbare groente- en fruitsoorten met een goede consumentenmarge. Maar een wat goedkopere variant kas kan ook prima ingezet worden voor de teelt van – ik noem maar wat – boerenkool of spinazie, nu nog typische buitengroenten. Zeker als er aan de kant van het uitgangsmateriaal nog wat innovatie plaatsvindt – denk aan varianten met kortere groeicycli. Er kan heel veel in kassen, maar het plaatje moet kloppen. En dan bedoel ik het héle plaatje, dus inclusief de duurzaamheidsaspecten. Om op die meloenen van daarnet terug te komen: die worden nu niet meer in het Westland geteeld, maar in Costa Rica omdat daar de zon schijnt en de arbeid goedkoop is. Alleen: daarna moeten ze wel een gigantische afstand afleggen voordat ze bij ons in het schap liggen. Je moet eigenlijk de ‘true price’ van zo’n meloen afzetten tegen de prijs van een kasgekweekte meloen. Dat gebeurt nu nog niet, maar de vraag is of we het over tien jaar nog acceptabel vinden dat er meloenen van zo ver weg komen.”

Ruigrok: “Hoe kijk jij naar klimaatverandering? Want wat nu nog een ideaal klimaat is voor de teelt van meloenen, hoeft dat over tien jaar natuurlijk niet meer te zijn.”

Kuiper: “Klopt helemaal. Klimaatverandering begint meer en meer een rol te spelen. Het is niet gezegd dat waar het nu nog concurrerend is om in het buitenklimaat te telen, dat over tien jaar ook nog het geval is. Om die reden hebben wij in de afgelopen jaren een kasconcept ontwikkeld waarmee we letterlijk in elke regio in de wereld een hoogkwalitatief product kunnen kweken. Van de Noordpool tot de evenaar. Natuurlijk: je moet verwarmen en koelen, dus er hangt een prijskaartje aan. Maar er hangt ook een prijskaartje aan de alternatieven, zoals aanvoeren uit andere regio’s.”

Baanbrekende concepten in het verschiet

Ruigrok: “Is schaalgrootte in deze nog een factor?”

Kuiper: “Zeker, dat is het eigenlijk altijd wel maar het neemt wel toe. We zien steeds meer grootschaligheid bij onze klanten waarbij de kassen niet alleen steeds groter worden, maar technisch ook steeds complexer. Daarnaast treden ook een toenemend aantal investeerders toe tot de markt die zelf geen tuinbouwkennis hebben en op zoek zijn naar turn-key oplossingen. Die denken ook op een heel andere schaal dan het traditionele familiebedrijf dat vroeger de dienst uitmaakte. En die ontwikkeling is overal ter wereld gaande.”

Ruigrok: “We zien nu ook teelt wegvloeien uit landen als Spanje omdat de arbeidskosten daar aanzienlijk zijn gestegen. Vraagt teelt in kassen ook om minder handjes?”

Kuiper: “Het verschil tussen tomaten plukken in een kas en tomaten plukken in het veld is niet heel groot, al zijn de omstandigheden in een kas doorgaans wel een stuk aangenamer. Wat wel zo is, is dat ik denk dat kassenteelt beter kansen biedt voor robotisering, omdat robots gebaat zijn bij geconditioneerde omstandigheden. Daar kan in de toekomst wel een verschil door ontstaan. En nog een stap verder doordenkend: volgens mij liggen op het gebied van Artificial Intelligence en Machine Learning nog baanbrekende concepten in het verschiet. Zo zijn we bij KUBO intern al aan het nadenken over een kas die volledig autonoom beslissingen kan nemen over licht, temperatuur, CO2, waterverbruik en voeding. Ofwel een kas die puur op basis van technologie keer op keer dezelfde output levert, met zo min mogelijk tussenkomst van de menselijke factor. Dat is nu nog toekomstmuziek, maar die kant gaat het wel op.”